Compensatiedecreet

 

 

Het “Besluit van de Vlaamse Regering tot compensatie van de openbaredienstverplichting tot het vervoer van personen met een handicap of een ernstig beperkte mobiliteit” legt een wettelijke basis voor het aangepast vervoer.

Met het Besluit komt er rechtszekerheid voor de diensten Aangepast vervoer.

Op maandag 4 november 2013 verscheen het “Besluit van de Vlaamse regering tot compensatie van de openbaredienstverplichting voor het vervoer van personen met een handicap of een ernstig beperkte mobiliteit” in het Belgisch staatsblad. Hiermee komt er een einde aan de jarenlange onzekerheid van de Diensten Aangepast Vervoer en wordt de basis gelegd voor een gebiedsdekkend aanbod aangepast vervoer in Vlaanderen.

Voor personen met een handicap is mobiliteit spijtig genoeg nog steeds  een probleem. Om te kunnen deelnemen aan het maatschappelijk leven, zich te integreren, zelfstandig zijn leven uit te bouwen,… was het cruciaal dat deze problematiek opgelost werd.

Het toegankelijk en bruikbaar maken van het openbaar vervoer is een eerste en belangrijke stap hierin, maar is op zich onvoldoende. Daarnaast is er een aanbod nodig van vervoer dat specifiek aangepast is aan de noden van personen met een handicap. Om hieraan tegemoet te komen groeiden her en der, vanuit verschillende invalshoeken, initiatieven die aangepast vervoer aan democratische prijzen aanboden. 14 onder hen verenigden zich in ODAV (Overleg van Diensten voor Aangepast Vervoer).

Gedurende 10 jaar (van 2000 tem 2010) werden deze diensten gesubsidieerd door Gelijke Kansen in Vlaanderen op basis van projectsubsidiëring. Dit betekende dat er ieder jaar opnieuw door alle diensten een aanvraag tot subsidiëring moest ingediend worden, waarna het telkens afwachten was of en voor welk bedrag men gesubsidieerd zou worden. Bovendien was het budget geplafonneerd, zodat er geen ruimte was voor nieuwe diensten en men niet tot een gebiedsdekkend aanbod van aangepast vervoer kon komen.

De subsidiëring door Gelijke Kansen heeft het mogelijk gemaakt dat de DAV’s het hoofd boven water konden houden, maar was van bij de aanvang bedoeld als een overgangsmaatregel, in afwachting van een structurele aanpak van het probleem.

Deze aanpak kwam er toen het dossier in 2011 overgedragen werd aan het departement Mobiliteit van de Vlaamse Gemeenschap. Vlaams minister van Mobiliteit Crevits benadrukt in opeenvolgende beleidsverklaringen het belang om te komen tot een structurele en gebiedsdekkende oplossing voor de mobiliteitsproblematiek van personen met een handicap. Onder haar beleid werd, in overleg met alle betrokken partijen, waaronder ODAV,  gestart met het uitwerken van een wettelijk kader voor het aangepast vervoer. Tegelijkertijd werd het budget, dat de vorige jaren geblokkeerd was door Gelijke Kansen, verdrievoudigd.

Het uitwerken van een wettelijk kader waarbij een structurele basis gegeven wordt aan het aangepast vervoer, een gebiedsdekkend aanbod mogelijk gemaakt wordt, rekening wordt gehouden met de Europese regels en tegelijkertijd de budgettaire implicaties onder controle worden gehouden, nam meer tijd in beslag dan voorzien. Om de continuïteit van de dienstverlening niet in het gedrang te brengen werden de door Gelijke Kansen erkende DAV’s in 2012 en 2013 verder gesubsidieerd op jaarbasis.

Door het op 4 november 2013 gepubliceerde Besluit Vlaamse regering, dat van toepassing is vanaf januari 2014, krijgen diensten die belast worden met de openbare dienstverplichting in een bepaalde regio een erkenning voor vijf jaar. De uitbreiding van het aanbod naar heel Vlaanderen wordt bovendien mogelijk gemaakt via de indeling van Vlaanderen in vervoersregio’s waarbinnen telkens een vervoerder kan aangeduid worden.

Zo komt er zekerheid voor het aangepast vervoer, wordt de basis voor een gebiedsdekkend aanbod gelegd en komt er eindelijk een structurele oplossing voor de mobiliteitsproblematiek van personen met een handicap.

 

Voor het Overleg van Diensten Aangepast Vervoer

 

Bart Van Opstal, voorzitter